beseffen van het belang van goede hygiëne
− herkennen van factoren die het eigen gedrag m.b.t. gezondheid en hygiëne beïnvloeden en (mede-)verantwoordelijkheid dragen voor eigen en andermans gezondheid
− realiseren dat een combinatie van gezonde voeding, beweging, hygiëne en rust de gezondheid bevorderd en de kans op ziektes vermindert
− besef hebben van het ontstaan van verslavende gewoonten en de invloed hiervan op het functioneren als mens
(bijv. roken, alcohol, drugs, gokken,
computer)
− omgaan met 'eenvoudige
gezondheidsproblemen' en beseffen van consequenties of herstelmogelijkheden
− onderzoeken hoe de gezondheidszorg functioneert
− verkennen wat de samenleving biedt voor mensen met een handicap of (chronische) ziekte
bespreken wat het effect is van geneesmiddelen
− oefenen van (eenvoudige) eerste- hulpvaardigheden
− verkennen m.b.t. het voorkomen, het gevaar en het gebruik van bacteriën en virussen in relatie tot gezondheid (infectie, griep, inenten)
− bekend zijn met instanties die op het gebied van lichamelijke en geestelijke gezondheid hulpverlenen en belangen behartigen (bijv. GGD, Riagg, Leger des Heils, Kindertelefoon, Longfonds, Diabetesfonds)